met heerlijk weer, de wandeling ruikt naar madeliefjes en de bovenwereld vertoont zich in de diepte van sloten en de plas.

Roteb-heer met bakfiets zwaait naar me met aan zijn taststok een glazen kaarsenhuisje.

"Wat heeft u nou weer gevonden?" Zwijgend wijst hij naar een boom met daaronder dit:

 

Vanmiddag - het weer nog steeds prachtig:

ooievaars, zwanen, een kraai met grijze veren en ... een ander dier, in een tuin met buxus, fontein, twee carports en op de Kleiweg:

Wat had ik ook alweer tegen mensen?